Gebitsbehandeling paard
Paarden horen minimaal 14 uur per dag te grazen. Omdat dit door de huidige huisvestingsomstandigheden vaak niet mogelijk is, krijgen veel paarden in hun leven te maken met gebitsproblemen. Tanden groeien sneller en er is minder slijtage door kauwen. Ook het wisselen van tanden kan problemen opleveren. Dit terwijl een goed functionerend gebit erg belangrijk is voor een optimale opname van voer en het voorkomen van spijsverteringsproblemen en een paard met gebitsproblemen kan ook rijtechnische problemen laten zien.

 
Behandeling gebitsklachten
nPK bekijkt of er inderdaad sprake is van gebitsproblemen. Op verschillende leeftijden wordt er extra gelet op bepaalde leeftijdsgebonden gebitsklachten. Indien nodig wordt een behandeling gestart. Omdat dit geen prettige behandelingen voor een paard zijn, besteden we ook aandacht aan het rustig houden van het dier. Eventueel wordt het (angstige) paard verdoofd zodat de behandeling zo aangenaam mogelijk kan worden uitgevoerd.
nPK verzorgt onder andere:

•  Raspen van melkkiezen en doorbrekende blijvende kiezen;
•  Extractie van de wolfstanden;
•  Controleren van het doorkomen en de doorgroei van kiezen en snijtanden;
•  Verwijderen van de achtergebleven doppen van wisselende kiezen;
•  Standcorrecties;
•  Verwijderen van tandsteen en rotte kiezen;
•  Het verhelpen van (tandvlees)ontstekingen;
•  Het corrigeren van een onderbeet of overbeet als gevolg waarvan de snijtanden en
   kiezen niet correct slijten.
Symptomen bij gebitsproblemen
Wanneer uw paard last heeft van zijn tanden dan is dit te herkennen aan de volgende gedragingen:

•  Gooien of schudden van het hoofd tijdens het rijden;
•  Omhoog of schuin houden van het hoofd tijdens het eten of rijden;
•  Geen of slechte eetlust of het paard schrokt het voer naar binnen zonder te malen;
•  Onverteerde voedseldeeltjes in mest;
•  Stinken uit mond of neus, speeksel uit de mond;
•  Verandering van de drinkgewoonte, soppen van het eten in de drinkbak;
•  Kauwen van proppen hooi of kuilvoer, die het paard weer uit de mond laat vallen;
•  Tegen het bit zijn en, als het bit dan toch wordt geplaatst, dit niet kunnen verdragen.

Door deze klachten kan het paard niet lekker te rijden zijn, zich vastzetten op n kant, tegen de hand in komen of minder voeding binnenkrijgen met als resultaat gewichtsverlies, een slechte conditie en/of een verslechtering van de prestaties.